ECLI:NL:CRVB:2016:4205
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens onduidelijke verblijfplaats dakloze
Appellant, dakloos, vroeg op 28 juli 2014 bijstand aan op grond van de Wet werk en bijstand. Hij gaf aanvankelijk verblijfplaatsen op bij zijn zus en een vriend, maar kon daar niet langer verblijven. Vervolgens werd met hem afgesproken dat hij dagelijks sms-berichten zou sturen over zijn verblijfplaats, zodat dit gecontroleerd kon worden.
Het college wees de aanvraag bij besluit van 30 oktober 2014 af omdat appellant niet voldeed aan de informatieverplichting. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, omdat de sms-berichten onvoldoende concreet waren om de verblijfplaats vast te stellen.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad stelt dat een aanvrager, ook als dakloze, tijdig controleerbare gegevens over zijn verblijfplaats moet verstrekken. De niet-dagelijkse sms-berichten en de onduidelijke inhoud daarvan maken het recht op bijstand niet vaststelbaar. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: De aanvraag bijstand wordt afgewezen wegens onvoldoende controleerbare gegevens over de verblijfplaats van appellant.