ECLI:NL:CRVB:2016:4177
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging loongerelateerde WGA-uitkering bij 40,7% arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig nationaal chauffeur, meldde zich ziek wegens schouder- en rugklachten. Het UWV stelde aanvankelijk vast dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was, maar na bezwaar werd dit aangepast naar 40,7%, waardoor recht op een loongerelateerde WGA-uitkering ontstond.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, omdat de medische beoordeling en de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 15 september 2014 juist waren en rekening hielden met zijn klachten, waaronder ADHD en chronisch pijnsyndroom. De arbeidsdeskundige motiveerde voldoende waarom de belastbaarheid niet werd overschreden.
In hoger beroep verwees appellant naar eerdere gronden zonder nieuwe medische onderbouwing. De Raad bevestigde de rechtbankuitspraak, oordeelde dat de beperkingen in de FML adequaat waren weergegeven en dat de arbeidskundige beoordeling correct was. De Raad wees een proceskostenveroordeling af en bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant recht heeft op een loongerelateerde WGA-uitkering wegens 40,7% arbeidsongeschiktheid en wijst het hoger beroep af.