ECLI:NL:CRVB:2016:3867
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- K.J. Kraan
- H. Lagas
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen verzoek om bescherming door college
Appellant heeft het college van burgemeester en wethouders van Purmerend verzocht om bescherming tegen diffamerende uitlatingen van derden. Het college verklaarde het bezwaar tegen het uitblijven van een beslissing op dit verzoek niet-ontvankelijk, omdat het verzoek niet kwalificeert als een aanvraag in de zin van artikel 1:3, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank Noord-Holland verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat het verzoek van appellant niet is te duiden als een publiekrechtelijke rechtshandeling of een aanvraag waarvoor een beschikking moet worden gegeven. Het gaat appellant erom dat het college vertrouwen in hem uitspreekt en bijdraagt aan een veilige werkomgeving.
De Raad wijst ook het standpunt van appellant af dat het beroepschrift als bezwaarschrift had moeten worden aangemerkt en doorgezonden. Het besluit van het college is geen beschikking waarop bezwaar mogelijk is, zodat de doorzendplicht van artikel 6:15 Awb Pro niet van toepassing is.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant is terecht niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep wordt afgewezen.