Uitspraak
CAK
OVERWEGINGEN
€ 1.646.458,- toegekend wegens de door het verkeersongeval geleden en in de toekomst nog te lijden schade (letselschadevergoeding).
1 januari 2013 een onderdeel c toegevoegd. Ten tijde in geding bepaalde artikel 6, eerste lid, van het Bbz dat het bijdrageplichtig inkomen als volgt wordt berekend:
b. op het met toepassing van onderdeel a berekende bedrag worden in mindering gebracht:
1°. 15% van de redelijkerwijs te verwachten netto-opbrengst van in het lopende kalenderjaar verrichte arbeid, van een loon- of salarisdoorbetaling wegens ziekte of van een uitkering ingevolge de Ziektewet;
2°. zak- en kleedgeld, premies voor een zorgverzekering gecorrigeerd voor de zorgtoeslag, een jonggehandicaptenkorting, een ouderenkorting of extra vrijlatingen, een en ander volgens bij ministeriële regeling te bepalen regels;
3°. op aanvraag van de verzekerde, de uitkering op grond van artikel 14 van Pro de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 of de uitkering op grond van artikel 20 van Pro de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945.
c. het met toepassing van onderdeel b berekende bedrag wordt vermeerderd met 8% van de grondslag sparen en beleggen over het peiljaar van de ongehuwde verzekerde onderscheidenlijk 8% van de gezamenlijke grondslag sparen en beleggen, bedoeld in artikel 5.2, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, over het peiljaar van de gehuwde verzekerden.
a. die een schadevergoeding vormt voor een letselschade; en
b. waarvan de hoogte is vastgelegd in een overeenkomst of rechterlijke uitspraak die is gedateerd voor 11 oktober 2010, dan wel, indien de uitkering op andere grond tot stand is gekomen, de hoogte is vastgesteld voor 11 oktober 2010.
26 juni 2013 meegedeeld dat hij bereid is, conform de vermogenstoets bij de zorgtoeslag, letselschadevergoedingen en bepaalde uitkeringen voor bepaalde groepen met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2013 uit te sluiten van de VIB (Kamerstukken II 2012-2013, 33 204, nr 33). Deze uitsluiting beperkt zich, net als bij de zorgtoeslag, tot mensen die een letselschadevergoeding ontvingen tot 11 oktober 2010. De datum 11 oktober 2010 betreft de datum waarop het regeerakkoord van het toenmalige kabinet als kamerstuk beschikbaar kwam. In dat regeerakkoord is de invoering van een VIB afgesproken. Vanaf deze datum konden de belanghebbende en de vergoeder van de schade redelijkerwijs verwachten dat er een VIB kon worden ingevoerd. Bij de bepaling van de hoogte van de schadevergoeding wordt in dat geval rekening gehouden met het bestaan van de VIB, waardoor vanaf deze datum geen sprake meer is van benadeling van de belanghebbende door de introductie van de VIB (Kamerstukken II 2013-2014, 33 204, nr 35, p. 8).
BESLISSING
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.