Uitspraak
6 november 2014, 14/4501 (aangevallen uitspraak)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft een aanvraag gedaan voor een algemene tegemoetkoming voor het jaar 2011 op grond van de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg). Het CAK wees de aanvraag af omdat appellant slechts was ingedeeld in een lichte Chronische Groep op basis van het medicijn Methylfenidaat en er geen ziekenhuisbehandelingen of hulpmiddelenvergoedingen waren die recht gaven op een tegemoetkoming.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het CAK voldoende en juiste informatie had gebruikt bij de beoordeling. De rechtbank vond dat het stellen van verkeerde diagnoses niet relevant was voor de toekenning van de tegemoetkoming, aangezien het gaat om de wettelijke criteria.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn aandoeningen onjuist waren geclassificeerd en dat hij aan andere aandoeningen leed die recht zouden geven op een tegemoetkoming. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant geen nieuwe of andere gronden had aangevoerd en onderschreef de overwegingen van de rechtbank volledig.
De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en concludeerde dat appellant niet voldoet aan de voorwaarden voor een tegemoetkoming. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming bevestigd.