ECLI:NL:CRVB:2016:3452
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste uitvoering beslag op AOW-pensioen door Sociale Verzekeringsbank
Appellant maakte bezwaar tegen de inhouding van een bedrag op zijn AOW-pensioen vanwege een executoriaal beslag. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat appellant tijdig beroep had ingesteld, ondanks problemen met de verzending van de aangevallen uitspraak door de rechtbank. De Raad stelde vast dat de Sociale Verzekeringsbank (Svb) slechts hoeft te controleren of het beslag correct wordt uitgevoerd, niet de geldigheid of omvang ervan.
De Svb had het beslag correct uitgevoerd, waarbij het bedrag aan AOW-pensioen hoger was dan de beslagvrije voet. Appellant werd geadviseerd zich tot de burgerlijke rechter te wenden voor geschillen over de geldigheid van het beslag, maar dit was niet aan de bestuursrechter ter beoordeling.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees een vergoeding van proceskosten af. Hiermee is het beroep van appellant ongegrond verklaard en de inhouding op het AOW-pensioen geoorloofd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de inhouding op het AOW-pensioen bevestigd.