ECLI:NL:CRVB:2016:3285
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens verzwegen hennepkwekerij
Appellant ontving bijstand sinds november 2005. In maart 2014 trof de politie in zijn woning een hennepkwekerij aan met 25 planten en bijbehorende apparatuur. Het college van burgemeester en wethouders van Venlo startte een onderzoek en besloot de bijstand over de periode van december 2013 tot maart 2014 in te trekken en terug te vorderen wegens het verzwegen van inkomsten uit de kwekerij.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de inlichtingenverplichting al wordt geschonden bij het verrichten van werkzaamheden gericht op het starten van een hennepkwekerij. Appellant had dit moeten melden vanwege het aantal planten en de inrichting van de kwekerij. Omdat appellant geen bewijs leverde van zijn werkzaamheden of inkomsten, kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, waaronder dat hij slechts zaden veredelde, maar kon dit niet concreet onderbouwen. De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank en bevestigde de intrekking en terugvordering van de bijstand. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens het verzwegen van een hennepkwekerij wordt bevestigd.