ECLI:NL:CRVB:2016:3224
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens ernstig plichtsverzuim door meenemen van materialen en buiten werktijd lossen
Appellant was sinds 1981 in dienst van de gemeente Tilburg en bekleedde een functie bij een gemeentelijke afdeling. In 2012 werd hij al berispt wegens het verkopen van oud ijzer van de afdeling, waarbij hij het geld gebruikte voor een niet-bestaand 'geldpotje'. Later bleek uit camerabeelden dat appellant meerdere keren spullen van de milieustraat meenam en buiten werktijd goederen loste.
Het college van burgemeester en wethouders legde hem daarom een disciplinaire straf van ontslag op wegens ernstig plichtsverzuim. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel, waarbij werd overwogen dat het ontslag niet onevenredig was gezien de ernst van het plichtsverzuim en de eerdere disciplinaire maatregel.
Appellant voerde aan dat er sprake was van ongelijke behandeling binnen de afdeling, maar kon dit niet met concrete gegevens onderbouwen. De Raad stelde vast dat collega’s met andere overtredingen niet in gelijke gevallen waren, mede omdat appellant eerder was gewaarschuwd. De Raad concludeerde dat het ontslag passend was en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd en het hoger beroep wordt afgewezen.