ECLI:NL:CRVB:2016:2967
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van de Griend
- K.J. Kraan
- M. Kraefft
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onvoorwaardelijk ontslag wegens ernstig plichtsverzuim bij Avalex
Appellant was sinds 1989 werkzaam bij Avalex en werkte voornamelijk op afvalbrengstations. Na eerdere waarschuwingen in 2008 en 2012 wegens overtredingen van gedragsregels, werd hij in 2014 ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim. Dit volgde op een onderzoek door Pinkerton dat aantoonde dat appellant en collega’s structureel toestonden dat derden afval en goederen van Avalex meenamen, waarvan de opbrengsten deels naar appellant gingen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn verklaring tijdens het hoorgesprek met Pinkerton onjuist was en onder druk was afgelegd, maar de Raad oordeelde dat de verklaring betrouwbaar was en dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat er sprake was van intimidatie. De Raad vond het ontslag niet onevenredig gezien de ernst van het plichtsverzuim en de eerdere waarschuwingen.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Den Haag bevestigd. Er werd geen aanleiding gezien voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het onvoorwaardelijk ontslag bevestigd.