ECLI:NL:CRVB:2016:2276
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens schending inlichtingenverplichting bij verkoop en aankoop woonwagen
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en werden geselecteerd voor een onderzoek naar de rechtmatigheid van deze bijstand. Uit het onderzoek bleek dat zij hun oude woonwagen hadden verkocht en een nieuwe hadden gekocht zonder dit te melden, wat een schending van de inlichtingenverplichting vormt.
Het college van burgemeester en wethouders van Helmond trok de bijstand met ingang van 14 november 2012 in en vorderde de bijstandskosten terug. Appellanten slaagden er niet in aannemelijk te maken dat zij recht hadden op bijstand indien zij wel aan hun inlichtingenverplichting hadden voldaan, mede doordat zij geen verifieerbare bewijsstukken over de financiering van de aan- en verkoop konden overleggen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen omdat daarvoor geen grond bestond. De Raad oordeelde dat de intrekking en terugvordering terecht waren en dat de financiële situatie van appellanten onduidelijk bleef door het niet melden van de transacties.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand en terugvordering worden bevestigd wegens schending van de inlichtingenverplichting.