Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep tegen de besluiten van 13 maart 2014 en 28 mei 2014 voor zover daarbij
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft een hoger beroep van appellant tegen besluiten van het UWV inzake de vaststelling van inkomsten uit arbeid en de terugvordering van WIA-uitkeringen over de jaren 2009 tot en met 2012.
In een eerdere tussenuitspraak werd vastgesteld dat appellant inkomsten uit arbeid had genoten tijdens de WGA-uitkering, zonder dit aan het UWV te melden, waardoor hij zijn inlichtingenplicht schond. De inkomsten over 2009, 2010 en 2012 werden vastgesteld op respectievelijk € 8.000, € 22.535 en € 1.500. Voor 2011 werd het inkomen vastgesteld op € 21.300 na correcties door het UWV.
De Raad oordeelde dat de herziening en terugvordering over 2011 onzorgvuldig en ondeugdelijk gemotiveerd waren, en gaf opdracht tot een nieuw besluit. Het UWV stelde het terugvorderingsbedrag vervolgens vast op € 37.071,81. Appellant maakte bezwaar tegen dit bedrag, stellende dat het lager moest zijn. De Raad vernietigt de eerdere besluiten voor zover zij uitgingen van een hoger inkomen en terugvordering over 2011, maar verklaart het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt eerdere besluiten over 2011 en bevestigt het nieuwe terugvorderingsbedrag van € 37.071,81.