ECLI:NL:CRVB:2016:1870
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing geen recht op ziekengeld wegens geschiktheid voor werk als bouwvakhulp
Appellant, voormalig timmerman en later bouwvakhulp, meldde zich ziek met rug- en longklachten en ontving ziekengeld. Na medisch onderzoek concludeerde een verzekeringsarts bezwaar en beroep dat appellant ondanks een versleten rug geschikt is voor zijn werk als bouwvakhulp. Het Uwv beëindigde daarom het ziekengeld per 23 augustus 2013.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat geen objectieve medische gegevens waren overgelegd die het oordeel van de verzekeringsarts konden weerleggen. Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte het medisch onderzoek als zorgvuldig beschouwde en dat de zwaarte van het werk onvoldoende was betrokken.
De Raad onderzocht de medische rapporten, waaronder een MRI-uitslag en een arbeidsdeskundig rapport over de aard van het werk. De verzekeringsarts bezwaar en beroep concludeerde dat de afwijkingen op de MRI niet bepalend zijn voor de beperkingen en dat appellant de werkzaamheden kon verrichten. De Raad bevestigde het besluit van het Uwv en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van het ziekengeld wordt bevestigd.