Uitspraak
CIZ
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;
- veroordeelt CIZ in de kosten van appellant tot een bedrag van € 2.668,05;
- bepaalt dat CIZ het door appellant in hoger beroep betaalde griffierecht van € 122,-
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant stelde hoger beroep in tegen een beslissing van het CIZ inzake een AWBZ-zorgvraag. Tijdens de procedure nam het CIZ een nieuwe beslissing op bezwaar die geheel tegemoetkwam aan het beroep van appellant, waardoor het inhoudelijke geschil kwam te vervallen. Hierdoor verklaarde de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.
Appellant vorderde daarnaast vergoeding van de door hem gemaakte kosten voor medisch advies van een verzekeringsarts-medisch adviseur en kosten van beroepsmatige rechtsbijstand. Het CIZ betwistte de hoogte van de gevorderde kosten, met name het aantal uren en het uurtarief voor het medisch advies.
De Raad matigde het gevorderde bedrag voor het medisch advies tot een redelijk bedrag van € 2.172,05, waarbij ook BTW en administratieve kosten werden meegenomen. Tevens veroordeelde de Raad het CIZ tot vergoeding van de proceskosten van appellant, begroot op € 496,- voor de rechtsbijstand en het betaalde griffierecht van € 122,-. De rechtbank had het CIZ reeds veroordeeld tot vergoeding van proceskosten in beroep, en appellant had in bezwaar geen kostenvergoeding gevorderd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang en het CIZ wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van appellant.