ECLI:NL:CRVB:2016:1656
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling gemeente in proceskosten wegens onjuiste wegingsfactor bij bijstandszaak
Appellant ontving bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand (WWB) die door het college van burgemeester en wethouders van Almere werd opgeschort en ingetrokken. De rechtbank had het beroep van appellant gegrond verklaard en het college veroordeeld tot betaling van proceskosten, maar hanteerde daarbij een ongemotiveerde en te lage wegingsfactor van 0,25.
In hoger beroep stelde appellant dat de rechtbank ten onrechte het gewicht van de zaak als zeer licht had aangemerkt en dat deze beslissing niet was gemotiveerd. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) een forfaitair systeem kent waarbij in beginsel de wegingsfactor gemiddeld (1) dient te worden toegepast. De rechtbank had dit niet gemotiveerd en de Raad zag geen reden af te wijken van de gemiddelde wegingsfactor.
De Raad vernietigde daarom het bestreden vonnis voor zover het de wegingsfactor betrof en veroordeelde het college tot betaling van proceskosten van in totaal € 2.480,-, waarbij rekening werd gehouden met de gewijzigde tarieven per 1 januari 2016. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht van € 123,-. De uitspraak werd gedaan door rechter Y.J. Klik op 3 mei 2016.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 2.480,- en vergoeding van het griffierecht.