ECLI:NL:CRVB:2016:1655
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- C. van Viegen
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens niet nakomen inlichtingenverplichting
Appellanten ontvingen sinds augustus 2012 bijstand volgens de WWB. Het college van burgemeester en wethouders van Oosterhout verzocht hen in oktober 2013 om informatie over bankrekeningen. Bij besluit van 21 oktober 2013 werd de bijstand opgeschort wegens het niet aanleveren van gevraagde gegevens binnen de hersteltermijn. Vervolgens werd de bijstand ingetrokken per 21 oktober 2013 en over de periode 1 januari tot 20 oktober 2013 vanwege onduidelijkheid over de inkomens- en vermogenspositie.
Appellanten leverden de ontbrekende gegevens pas in de bezwaarfase aan, maar dit werd niet geaccepteerd omdat volgens vaste rechtspraak gegevens die tijdens de bezwaarfase worden verstrekt, geen betekenis hebben voor de beoordeling. De Raad oordeelde dat appellanten onvoldoende duidelijkheid gaven over diverse geldstromen op meerdere bankrekeningen en verklaarde dat zij de inlichtingenverplichting hebben geschonden. Dit werd hen extra aangerekend omdat zij in 2012 al waren gewezen op hun verplichting om financiële gegevens inzichtelijk te maken.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, waarmee het hoger beroep werd verworpen. De terugvordering van bijstandskosten werd niet inhoudelijk bestreden en bleef gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de bijstand bevestigd.