ECLI:NL:CRVB:2015:854
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- K.J. Kraan
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens ongeschiktheid na onvoldoende functioneren en coaching bij Technische Universiteit Delft
Appellant was sinds 1973 werkzaam bij de Technische Universiteit Delft en werd beoordeeld op zijn functioneren over de jaren 2008 tot en met 2011. Deze beoordelingen waren negatief, met name over zelfstandigheid, initiatief, nauwkeurigheid en overleg met collega’s. Ondanks gesprekken en meerdere coachingstrajecten verbeterde appellant onvoldoende.
Het college van bestuur besloot het dienstverband te beëindigen wegens ongeschiktheid, conform artikel 8.4 van de CAO Nederlandse Universiteiten. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De rechtbank oordeelde dat het college voldoende had onderbouwd waarom appellant ongeschikt was en dat hem voldoende gelegenheid was geboden om zijn functioneren te verbeteren.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze beoordeling. De Raad stelde vast dat het college ook had onderzocht of er passende alternatieve functies waren, maar dat deze binnen de organisatie ontbraken. Appellant had de aangeboden outplacementmogelijkheden niet benut. De Raad concludeerde dat het ontslagbesluit terecht was genomen en wees het hoger beroep af.
De Raad zag geen aanleiding voor een vergoeding van proceskosten in hoger beroep en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 10 juli 2013.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag wegens ongeschiktheid wordt bevestigd.