ECLI:NL:CRVB:2015:4176
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten of omstandigheden
Appellante heeft meerdere keren een Wajong-uitkering aangevraagd, waarbij het UWV telkens heeft vastgesteld dat zij niet voldoet aan de voorwaarden vanwege onvoldoende arbeidsongeschiktheid of het ontbreken van nieuwe feiten.
Na een nieuwe aanvraag in 2012 en een bezwaarprocedure heeft het UWV het bezwaar ongegrond verklaard omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die aanleiding gaven tot herziening. Appellante stelde dat zij vanwege een chromosomale afwijking en psychische problemen meer beperkingen had dan eerder vastgesteld.
De rechtbank oordeelde dat de nieuwe medische informatie geen aanleiding gaf tot wijziging van het eerdere besluit en dat appellante voldoende gelegenheid had gehad om bezwaar te maken. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak, stellende dat de aanvraag een herhaalde aanvraag betrof en dat het UWV terecht geen nieuw onderzoek heeft gedaan.
De Raad oordeelde verder dat appellante niet is belemmerd geweest in het gebruik van rechtsmiddelen en dat de medische rapporten geen nieuwe feiten bevatten die het eerdere besluit onjuist maken. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de Wajong-uitkering wordt bevestigd wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden die een herziening rechtvaardigen.