ECLI:NL:CRVB:2015:4069
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herroeping maatregel bijstand wegens onterecht niet behouden arbeid en bevestiging maatregel schending inlichtingenplicht
Appellant ontving bijstand en had een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd bij Breed, die binnen de proeftijd werd beëindigd wegens vermeende onbereikbaarheid en niet beschikbaar zijn voor werk. Het college legde appellant een maatregel van 50% bijstandsverlaging op wegens het niet behouden van arbeid en een maatregel van 20% wegens het niet melden van inkomsten uit arbeid.
De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze maatregelen ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat onvoldoende feitelijke grondslag bestond voor de maatregel van 50%, omdat niet kon worden vastgesteld dat appellant onvoldoende inspanningen had verricht om de baan te behouden en dat hij waarschijnlijk thuis mocht afwachten. Deze maatregel werd daarom vernietigd en het besluit van 5 oktober 2012 herroepen.
De maatregel van 20% wegens schending van de inlichtingenplicht werd bevestigd, omdat appellant salaris had ontvangen zonder dit te melden, wat leidde tot een te hoge bijstandsverlening. De Raad veroordeelde het college tot vergoeding van de kosten van appellant en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De maatregel van 50% bijstandsverlaging wegens niet behouden arbeid wordt vernietigd, de maatregel van 20% wegens schending inlichtingenplicht wordt bevestigd.