ECLI:NL:CRVB:2015:4005
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe beperkingen
Appellant diende in 2009 een aanvraag in voor een Wajong-uitkering, die in 2010 werd afgewezen wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid. Na een verzoek om herbeoordeling in 2011 en een bezwaarprocedure handhaafde het UWV het oorspronkelijke besluit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde het medisch oordeel dat het medisch toestandsbeeld ongewijzigd was.
In hoger beroep stelde appellant dat de diagnose autistische stoornis tot zwaardere beperkingen leidde dan eerder aangenomen. De Raad overwoog dat een herhaalde aanvraag zowel het verleden als de periode na de aanvraag betreft en dat het bestuursorgaan bevoegd is het oorspronkelijke besluit volledig te heroverwegen. Hoewel de diagnose nieuw was, stelde de Raad vast dat de beperkingen niet waren toegenomen.
De verzekeringsarts had in een rapport van 31 augustus 2012 gemotiveerd dat er geen nieuwe medische feiten waren die een wijziging van het oorspronkelijke besluit rechtvaardigen. De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde de eerdere uitspraak, waarbij ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: De herhaalde aanvraag voor een Wajong-uitkering wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe of toegenomen beperkingen.