ECLI:NL:CRVB:2015:3960
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van de Kade
- E.E.V. Lenos
- P. Vrolijk
- Rechtspraak.nl
Herziening kinderbijslag wegens niet zelfstandig uitwonende dochter
Appellant verzocht om tweevoudige kinderbijslag voor zijn dochter die volgens hem uitwonend was vanwege studie. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) herzag dit recht met terugwerkende kracht na onderzoek door de sociaal attaché in Marokko, die concludeerde dat de dochter niet zelfstandig woonde maar deel uitmaakte van het huishouden van een ander.
De Svb baseerde haar besluit op meerdere rapporten waarin werd vastgesteld dat de dochter slechts een kamer had, mee at met het gezin en geen eigen voorzieningen had. Appellant kon niet aantonen dat hij de dochter grotendeels had onderhouden zoals vereist voor tweevoudige kinderbijslag.
De rechtbank vernietigde het bezwaarbesluit wegens onvoldoende motivering, maar de Raad bevestigde in hoger beroep dat de Svb terecht het recht op tweevoudige kinderbijslag had herzien. Appellant had onvoldoende bewijs geleverd voor zelfstandig uitwonend zijn of voor een hogere onderhoudsbijdrage.
De Raad oordeelde dat de Svb voldoende onderzoek had gedaan en dat appellant ruim de gelegenheid had gehad om bewijs te leveren, maar dit niet had gedaan. De aangevallen uitspraak werd bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De herziening van de kinderbijslag is terecht en het recht op tweevoudige kinderbijslag wordt teruggedraaid naar enkelvoudige kinderbijslag.