Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart het beroep voor het overige ongegrond;
- draagt appellant op een nieuw besluit te nemen over het recht op uitkering over de periode
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene meldde zich per 8 december 2008 arbeidsongeschikt en werkte na januari 2009 in Singapore. Appellant kende hem een WIA-uitkering toe, maar betaalde deze niet uit vanwege het exportverbod van de Wet BEU, aangezien Nederland geen verdrag met Singapore heeft. De rechtbank oordeelde dat appellant het belang van re-integratie zwaarder had moeten wegen dan het exportverbod en vernietigde het bestreden besluit voor de gehele periode vanaf 1 januari 2012 tot vertrek betrokkene uit Singapore.
In hoger beroep stelde appellant dat het exportverbod strikt moet worden nageleefd en dat de belangenafweging van de rechtbank niet mogelijk is. Betrokkene stelde dat zijn gezondheid in Singapore verbetert en dat hij alleen daar passend werk kan verrichten. Appellant kwam gedeeltelijk terug op het besluit voor de periode tot 11 juni 2012, waarna alleen de periode van 12 juni 2012 tot 7 januari 2013 betwist bleef.
De Raad oordeelde dat het exportverbod op grond van de Wet BEU en Wet WIA niet terzijde kan worden geschoven en dat de rechtbank ten onrechte het besluit voor de hele periode had vernietigd. De Raad vernietigt het bestreden besluit alleen voor de periode van 1 januari tot en met 11 juni 2012 wegens onvoldoende financiële gegevens om zelf te voorzien. Het beroep wordt voor het overige ongegrond verklaard. Appellant wordt veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd voor de periode 1 januari tot en met 11 juni 2012; voor het overige wordt het beroep ongegrond verklaard.