ECLI:NL:CRVB:2015:3413
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet aannemelijk verblijf op opgegeven woonadres
Appellant diende een aanvraag in voor bijstand op grond van de WWB en gaf een adres in Haarlem op als woonadres. De gemeente Haarlem voerde huisbezoeken uit op 8 en 9 april 2013, waarbij bleek dat appellant niet aanwezig was en dat een derde verklaarde dat appellant bij zijn vrouw verbleef. Het college wees de aanvraag af omdat appellant niet op het opgegeven adres verbleef.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep. Hij stelde dat hij tijdelijk bij zijn vrouw verbleef vanwege problemen met een ex-huurder van haar woning en dat hij daarna weer op het uitkeringsadres verbleef. De Raad oordeelde dat appellant dit niet aannemelijk had gemaakt, mede omdat de verklaring van de vrouw achteraf was opgesteld en niet werd ondersteund door objectieve gegevens.
Verder waren de verklaringen van buurtbewoners onvoldoende concreet en toonde een e-mail van de verhuurder aan dat appellant vanaf 10 mei 2013 niet meer op het uitkeringsadres verbleef. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd.