ECLI:NL:CRVB:2015:3171
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellant ontvangt sinds 2004 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van een anonieme melding startte de sociale recherche een onderzoek naar mogelijke onrechtmatigheid van de bijstand. Uit het onderzoek bleek dat appellant in de periode 2008-2012 meerdere voertuigen op zijn naam had staan, waarvan vijf werden geëxporteerd, wat duidt op transacties die relevant zijn voor de WWB.
Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch trok de bijstand over vijf maanden in en vorderde €8.768,22 terug omdat appellant deze transacties niet had gemeld en geen administratie bijhield. De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat appellant de inlichtingenverplichting heeft geschonden door de transacties niet te melden, en dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij recht had op bijstand over de betreffende perioden. Hierdoor kon het college het recht op bijstand niet vaststellen. De Raad wees het beroep af en bevestigde de intrekking en terugvordering van de bijstand.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting wordt bevestigd.