ECLI:NL:CRVB:2015:3106
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van anonieme tips dat zij werkzaamheden verrichtte, heeft het college een onderzoek ingesteld, inclusief observaties bij een garage waar appellante werd gezien. Het college besloot de bijstand over een bepaalde periode in te trekken en terug te vorderen vanwege schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellante ging in hoger beroep en voerde onder meer aan dat de anonieme tips onvoldoende waren en dat de observaties en rapportages gebrekkig waren. Ook stelde zij dat zij door medische redenen niet in staat was de werkzaamheden te verrichten.
De Raad oordeelde dat de anonieme tips voldoende aanleiding gaven voor onderzoek en dat de observaties proportioneel waren. De verklaring van appellante over haar werkzaamheden werd als betrouwbaar beoordeeld. Omdat zij de werkzaamheden niet had gemeld, werd de inlichtingenverplichting geschonden, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Appellante slaagde er niet in aannemelijk te maken dat zij recht had op bijstand in die periode. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting.