ECLI:NL:CRVB:2015:3081
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor verhuis- en inrichtingskosten wegens gebrek aan noodzaak
Appellante heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor verhuis- en inrichtingskosten, welke door het college van burgemeester en wethouders van Echt-Susteren zijn afgewezen. De rechtbank Limburg heeft dit besluit bevestigd, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad beoordeelde dat de kosten van de vloerbedekking ten tijde van de aanvraag reeds waren voldaan, zodat hiervoor geen bijzondere bijstand kon worden toegekend. De verhuiskosten en stoffering deden zich wel voor, maar appellante slaagde er niet in de noodzaak van de verhuizing aannemelijk te maken. De door haar overgelegde medische verklaring ondersteunde slechts achteraf de verhuizing, zonder concrete aanwijzingen van fysieke beperkingen of onderbouwing van psychische klachten.
Daarmee ontbrak het aan bewijs dat de kosten voortvloeiden uit bijzondere omstandigheden en noodzakelijk waren. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De aanvraag bijzondere bijstand voor verhuis- en inrichtingskosten wordt afgewezen wegens gebrek aan noodzaak.