ECLI:NL:CRVB:2015:2867
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening studiefinanciering wegens niet-feitelijk verblijf op inschrijfadres
Appellant kreeg studiefinanciering toegekend als uitwonende student, maar de minister herzag dit omdat uit een huisbezoek bleek dat appellant niet feitelijk woonde op het adres waar hij in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (gba) stond ingeschreven.
De rechtbank oordeelde dat het huisbezoek voldoende bewijs leverde dat appellant niet op het adres woonde, mede omdat er geen persoonlijke spullen van appellant waren aangetroffen en zijn verklaringen niet geloofwaardig waren. Appellant voerde aan dat hij op vakantie was en zijn spullen elders had ondergebracht, maar dit werd door de rechtbank verworpen.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank en bevestigde dat de minister terecht de studiefinanciering had herzien en het teveel betaalde bedrag terugvorderde. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.