ECLI:NL:CRVB:2015:2793
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen afwijzing bijstandsaanvraag en terugvordering voorschot
Appellant diende op 30 mei 2012 een aanvraag in voor bijstand na faillissement van zijn onderneming. Het college wees de aanvraag op 24 juli 2012 af wegens inkomen boven de norm en vorderde het voorschot op 25 juli 2012 terug. Appellant diende op 30 juli 2012 een klacht in, maar maakte niet aannemelijk dat hij toen ook bezwaar had gemaakt. Pas op 3 mei 2013 werd een bezwaarschrift ingediend, buiten de termijn.
De rechtbank oordeelde dat appellant slechts één pakket met een klacht had verzonden en dat de klacht niet als bezwaarschrift kon worden opgevat. De Centrale Raad onderschrijft dit oordeel en stelt vast dat appellant geen redenen heeft gegeven om het late bezwaar alsnog ontvankelijk te verklaren. De klacht richtte zich bovendien niet tegen de inhoudelijke afwijzing van de bijstand.
De Raad bevestigt dat het college het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard en dat de klachtbrief niet als bezwaarschrift kon worden aangemerkt. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de besluiten is niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.