ECLI:NL:CRVB:2015:2648
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op vertrouwensbeginsel bij niet-aanstelling leraarondersteuner
Appellante, werkzaam als schoolassistent sinds 1999, verzocht bij het college van bestuur om met terugwerkende kracht tot februari 2011 te worden aangesteld als leraarondersteuner, naar aanleiding van meerdere toezeggingen die zij meende te hebben ontvangen.
Het college van bestuur wees dit verzoek in april 2013 af en verklaarde bij besluit van oktober 2013 het bezwaar van appellante ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond en oordeelde dat alleen het college van bestuur bevoegd is tot aanstelling van personeel.
In hoger beroep herhaalde appellante haar beroep op het vertrouwensbeginsel. De Raad stelde vast dat er geen uitdrukkelijke, ondubbelzinnige en onvoorwaardelijke toezegging van het college van bestuur was gedaan. De schooldirectrice, die wel toezeggingen had gedaan, was niet bevoegd tot besluitvorming over aanstellingen. Bovendien was appellante zich bewust dat zij de beslissing van het college moest afwachten.
De Raad concludeerde dat het beroep op het vertrouwensbeginsel niet slaagt en bevestigde de eerdere uitspraak, waardoor het college van bestuur niet gehouden is tot aanstelling van appellante als leraarondersteuner.
Uitkomst: Het beroep op het vertrouwensbeginsel wordt afgewezen en de aanstelling als leraarondersteuner wordt niet toegewezen.