ECLI:NL:CRVB:2015:2253
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen toekenning bijzondere bijstand voor aflossing schuld Eneco
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB en vroeg bijzondere bijstand aan voor de aflossing van een schuld bij Eneco van €1.405,93. Het college wees dit verzoek af op grond van artikel 13 WWB Pro, omdat geen situatie van zeer dringende redenen als bedoeld in artikel 49 WWB Pro was vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat appellant sinds januari 2013 bijstand ontving en daarmee in de noodzakelijke kosten van het bestaan kon voorzien. De schuld bedreigde zijn bestaansvoorziening niet, en het ontbreken van verwijtbaarheid bij het ontstaan van de schuld was geen zeer dringende reden.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, maar de Raad volgde de rechtbank en bevestigde de uitspraak. Er werd geen aanleiding gezien voor het toekennen van bijzondere bijstand of het toewijzen van proceskosten.
Uitkomst: De aanvraag bijzondere bijstand voor schuldaflossing wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.