ECLI:NL:CRVB:2015:1970
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens onvoldoende medische en arbeidskundige onderbouwing
Appellant heeft op 7 februari 2013 een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Wet Wajong. Het UWV heeft deze aanvraag op 11 april 2013 geweigerd en het bezwaar hiertegen op 29 augustus 2013 ongegrond verklaard. De rechtbank Midden-Nederland heeft het beroep tegen deze beslissing eveneens ongegrond verklaard, waarbij werd geoordeeld dat de medische rapporten van verzekeringsartsen zorgvuldig en concludent waren en dat de arbeidsdeskundige de belastbaarheid van appellant adequaat had beoordeeld.
In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat zijn beperkingen, waaronder een hernia sinds mei 2010, zijn belastbaarheid substantieel beperken en dat hij daarom niet meer dan 75% van het maatmaninkomen kan verdienen. Hij heeft echter geen nieuwe medische informatie overgelegd en is sinds 2010 niet meer onder medische behandeling.
De Centrale Raad van Beroep volgt de rechtbank en oordeelt dat het bestreden besluit op een juiste medische en arbeidskundige grondslag berust. De herhaalde bezwaren van appellant zijn onvoldoende om het oordeel te wijzigen. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Er wordt geen schadevergoeding toegekend en er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering wegens juiste medische en arbeidskundige beoordeling.