ECLI:NL:CRVB:2015:1431
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- M.T. Boerlage
- M.C.D. Embregts
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste uitleg vaststellingsovereenkomst en afdrachtregeling bij eervol ontslag ambtenaar
Appellant was sinds 1980 werkzaam bij de gemeente Hellevoetsluis en kreeg bij vaststellingsovereenkomst van 13 februari 2008 eervol ontslag per 1 februari 2011 met een regeling die zijn financiële positie tot 65 jaar moest waarborgen, onder de voorwaarde van deelname aan de FPU-regeling.
Na zijn ontslag werkte appellant als wethouder, waardoor zijn FPU-uitkering werd gekort vanwege overschrijding van de bijverdienmarge. Hij verzocht het college om volledige compensatie van deze korting en vergoeding van rechtsbijstandskosten, welke verzoeken werden afgewezen. Het college stelde vervolgens een afdrachtbedrag vast dat appellant moest betalen vanwege zijn bijverdiensten.
De rechtbank verklaarde de bezwaren en het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Raad dat partijen gebonden zijn aan de vaststellingsovereenkomst en dat de uitleg daarvan niet alleen op de letterlijke tekst, maar ook op de redelijke verwachtingen van partijen moet worden gebaseerd. De Raad oordeelde dat het college de afdrachtregeling correct toepaste en dat de financiële positie van appellant niet volledig gelijk hoefde te zijn na verrekening van bijverdiensten. Ook was er geen grond voor vergoeding van rechtsbijstandkosten na het sluiten van de overeenkomst.
De Raad verwierp het beroep van appellant en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Het voorwaardelijk incidenteel beroep van het college verviel. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het college de vaststellingsovereenkomst correct heeft uitgelegd en uitgevoerd en wijst het hoger beroep van appellant af.