ECLI:NL:CRVB:2015:1234
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beperkingen appellant en afwijzing arbeidsongeschiktheidsuitkering Wajong
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor arbeids- en inkomensondersteuning op grond van de Wet Wajong, die is afgewezen omdat hij naar het oordeel van het UWV in staat was ten minste 75% van het minimumloon te verdienen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn beperkingen door verzekeringsartsen waren onderschat, onder meer vanwege zijn autismespectrumstoornis, ADHD en angststoornissen. Hij overlegde diverse medische rapporten en een indicatie voor individuele begeleiding.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het onderzoek naar de beperkingen zorgvuldig en volledig was uitgevoerd, dat de functionele mogelijkhedenlijst (FML) adequaat was opgesteld en dat appellant ondanks zijn beperkingen werkzaamheden kan verrichten binnen de geselecteerde functies.
De Raad verwierp de argumenten van appellant dat de beperkingen verdergaand waren dan vastgesteld en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat appellant niet arbeidsongeschikt is volgens de criteria van de Wet Wajong.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.