ECLI:NL:CRVB:2014:765
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ziekengeld ten onrechte beëindigd wegens onderschatting beperkingen
Appellant was werkzaam als fulltime magazijnmedewerker/reachtruckchauffeur en meldde zich ziek vanwege stembandkanker. Het UWV beëindigde zijn ziekengeld per 25 februari 2009, omdat hij volgens een verzekeringsarts geschikt zou zijn voor zijn laatste werk. Appellant stelde in hoger beroep dat hij door fysieke en psychische klachten niet in staat was te werken en overhandigde een deskundigenrapport.
De Raad benoemde een onafhankelijke psychiater als deskundige die concludeerde dat appellant een matig ernstige depressie had en dat het UWV de beperkingen, met name psychische, had onderschat. De deskundige stelde dat appellant beperkingen had in duur en intensiteit van arbeid. Het UWV betwistte dit, maar de Raad volgde het oordeel van de deskundige.
De Raad vernietigde het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank, herroept het besluit tot beëindiging van het ziekengeld, en veroordeelde het UWV tot vergoeding van proceskosten en wettelijke rente. Hiermee erkent de Raad dat appellant op de datum in geding niet geschikt was voor fulltime arbeid.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van het ziekengeld wordt vernietigd en herroepen omdat de beperkingen van appellant zijn onderschat.