ECLI:NL:CRVB:2014:4206
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van UWV-besluit over benutbare mogelijkheden en arbeidsongeschiktheid WGA-uitkering
Appellante, laatst werkzaam als kinderleidster, meldde zich ziek wegens rug- en psychische klachten. Het UWV kende haar een loongerelateerde WGA-uitkering toe en vervolgens een WGA-vervolguitkering met een arbeidsongeschiktheid van 44,89%.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat het UWV terecht uitging van benutbare mogelijkheden en een juiste Functionele Mogelijkhedenlijst opstelde. De medische beoordeling was zorgvuldig en de geselecteerde functies overschreden haar belastbaarheid niet.
In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren, maar de Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank. De door appellante overgelegde medische stukken leidden niet tot een ander oordeel. De Raad vond dat de functies passend zijn, ook met inachtneming van haar incontinentie en aandachtstekorten.
Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het UWV-besluit en verklaart het hoger beroep van appellante ongegrond.