ECLI:NL:CRVB:2014:4032
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buitenlandbijdrage Zvw berekend op woonlandfactor België
Appellant ontvangt vanaf 1 mei 2010 een AOW-pensioen en kreeg een buitenlandbijdrage opgelegd door het Zorginstituut, berekend naar de woonlandfactor van België. Hij stelde in hoger beroep dat hij feitelijk in Marokko woonde en daar verzekerd was, en eiste terugbetaling van de bijdragen en een schadevergoeding.
De Raad overwoog dat appellant zich vanaf mei 2010 bij de Sociale verzekeringsbank als woonachtig in België had geregistreerd en dat alle correspondentie naar het Belgische adres was gestuurd en ontvangen. Pas vanaf 17 februari 2012 was appellant in Marokko ingeschreven en werd de buitenlandbijdrage naar de woonlandfactor van Marokko berekend.
Gezien het ontbreken van aannemelijk bewijs dat appellant in de periode oktober 2010 tot februari 2012 in Marokko woonde, oordeelde de Raad dat de buitenlandbijdrage terecht op basis van België was vastgesteld. De eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam werd bevestigd en het verzoek om terugbetaling, schadevergoeding en extra proceskosten werd afgewezen.
Uitkomst: De buitenlandbijdrage is terecht berekend naar de woonlandfactor van België; verzoek om terugbetaling en schadevergoeding wordt afgewezen.