ECLI:NL:CRVB:2014:3606
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag verhuiskostenvergoeding wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant heeft twee keer een aanvraag ingediend voor een verhuiskostenvergoeding op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), waarbij hij stelde te willen verhuizen vanwege een vochtige en te grote woning.
De eerste aanvraag in 2009 werd afgewezen en daartegen zijn geen rechtsmiddelen ingesteld. Een tweede aanvraag in 2011 werd eveneens afgewezen omdat geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren aangetoond ten opzichte van de eerdere aanvraag. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan naar de vochtproblemen en zijn medische situatie. De Raad oordeelde echter dat het college op basis van de door appellant overgelegde stukken voldoende onderzoek had gedaan en dat het aan appellant was om nieuwe feiten of omstandigheden te stellen en aannemelijk te maken. Nieuwe feiten die pas in beroep werden ingebracht konden niet in aanmerking worden genomen.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde de eerdere uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De afwijzing van de herhaalde aanvraag om verhuiskostenvergoeding wordt bevestigd wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.