ECLI:NL:CRVB:2014:3468
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewet-uitkering na medische beoordeling
Appellant was werkzaam als helpdeskmedewerker en meldde zich ziek wegens oververmoeidheid. Het UWV beëindigde de Ziektewet-uitkering op basis van een medisch oordeel dat appellant weer geschikt was voor zijn werk. Appellant maakte bezwaar en stelde dat zijn beperkingen werden onderschat, ondersteund door een rapport van een bedrijfsarts en aanvullende medische stukken.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en vond de medische beoordeling van het UWV zorgvuldig en goed onderbouwd. De Raad onderschrijft dit oordeel en stelt dat het de taak is van de verzekeringsarts om arbeidsbeperkingen vast te stellen. De Raad acht het rapport van de bedrijfsarts minder zwaarwegend omdat het geen nieuwe medische gegevens bevatte.
De aanvullende medische rapporten bevestigen dat er geen objectieve medische gegevens zijn die de klachten van appellant verklaren of aanleiding geven tot beperkingen die het verrichten van zijn werk verhinderen. De Raad ziet geen reden om het standpunt van het UWV te wijzigen en bevestigt de eerdere uitspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van de Ziektewet-uitkering wordt bevestigd.