ECLI:NL:CRVB:2014:3242
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering bijstand wegens giften als structurele inkomsten
Appellant ontving in de periode 2009 tot en met 2011 giften ter hoogte van €9.750,-. Het college van burgemeester en wethouders van Hoorn herzag de bijstand over deze periode en vorderde dit bedrag terug, omdat de giften als structurele bijdragen voor het levensonderhoud werden gezien en derhalve als inkomsten moesten worden beschouwd.
Appellant voerde aan dat de terugvordering gematigd moest worden met drie maandnormen, omdat de giften per jaar onder de maandelijkse bijstandsnorm zouden blijven. De Raad overwoog dat artikel 31 van Pro de WWB bepaalt dat giften niet tot de middelen worden gerekend voor zover deze uit oogpunt van bijstandsverlening verantwoord zijn, maar dat het college geen vast beleid hanteert en per geval beoordeelt.
Gezien de omvang en regelmaat van de giften oordeelde de Raad dat deze niet verantwoord waren en als middelen moesten worden meegeteld bij de vaststelling van het recht op bijstand. De matiging werd afgewezen en het hoger beroep van appellant werd ongegrond verklaard. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van €9.750,- wordt bevestigd.