ECLI:NL:CRVB:2014:3140
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- W.J.A.M. van Brussel
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke afwijzing verzoek functieonderhoud ambtenaar politie op grond van Trfp
Appellant, werkzaam als BOA bij de politie, verzocht om functieonderhoud op grond van artikel 2 van Pro de Tijdelijke regeling functieonderhoud (Trfp), omdat hij meende dat zijn werkzaamheden gedurende de referteperiode wezenlijk afweken van zijn functiebeschrijving. De korpschef kende slechts gedeeltelijk aan dit verzoek toe en paste de functiebeschrijving beperkt aan. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep betwist appellant dat hij onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij beleidsontwikkelingswerkzaamheden verrichtte gedurende ten minste één jaar in de referteperiode. Hij onderbouwde dit met formulieren, verklaringen van collega’s en beleidsnotities, waaronder presentaties over financieel economische criminaliteit en deelname aan een ketenproject.
De korpschef stelde dat appellant slechts een adviserende en ondersteunende rol had en dat het strategisch beleidsontwikkelingsverantwoordelijkheid bij de chef van de divisie lag. De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij gedurende de referteperiode ten minste één jaar beleidsontwikkelingswerkzaamheden verrichtte, mede omdat het ketenproject pas eind 2010 startte. Ook de verklaringen van collega’s waren niet doorslaggevend.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Tevens werd geoordeeld dat de handelswijze van appellant met betrekking tot het indienen van aanvullende beroepsgronden niet in strijd was met de goede procesorde.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de functiebeschrijving wordt niet aangepast.