ECLI:NL:CRVB:2014:3018
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over weigering herziening AAW-uitkering wegens nieuwe psychiatrische feiten
Betrokkene, geboren in 1968, vroeg in 1996 en 2000 een uitkering op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) aan, welke beide keren werden afgewezen. In 2011 vroeg zij opnieuw een uitkering aan op basis van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, maar het UWV weigerde terug te komen op eerdere besluiten wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.
De Raad beoordeelde dat de informatie van een psychiater uit 2008 een nieuw licht werpt op de ernst en duur van de psychiatrische problematiek vanaf de zeventiende levensjaar van betrokkene. Deze informatie was bij de eerdere beoordeling in 1996 niet bekend en kan leiden tot een herbeoordeling van de arbeidsongeschiktheid.
De Raad concludeert dat het UWV onvoldoende heeft gemotiveerd waarom deze nieuwe feiten niet tot herziening leiden en draagt het UWV op binnen zes weken de gebreken in het besluit te herstellen. Hiermee wordt erkend dat betrokkene mogelijk haar klachten bij eerdere aanvragen heeft gebagatelliseerd, wat gevolgen heeft voor de beoordeling van haar arbeidsongeschiktheid.
Uitkomst: Het UWV wordt opgedragen binnen zes weken de gebreken in het besluit te herstellen en de nieuwe medische feiten te betrekken bij de beoordeling.