Uitspraak
OVERWEGINGEN
7 september 2011, onvoldoende beperkingen zouden zijn vastgesteld.
Centrale Raad van Beroep
Appellant is na een bedrijfsongeval in 2008 uitgevallen wegens rugklachten en heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om geen WIA-uitkering toe te kennen per 7 september 2011. De verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts stelden beperkingen vast die een arbeidsongeschiktheid van 0 tot 35% rechtvaardigen. De arbeidsdeskundige selecteerde passende functies die appellant geacht werd te kunnen verrichten.
Appellant voerde aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn psychische en lichamelijke beperkingen, waaronder informatie van bedrijfsarts, neuroloog en psychologen. De Raad concludeert dat de medische informatie zorgvuldig is beoordeeld en dat de klachten niet leiden tot een andere inschatting van beperkingen. De bezwaarverzekeringsarts heeft alle relevante medische gegevens betrokken en de arbeidsdeskundige heeft de geschiktheid voor functies voldoende toegelicht.
De Raad oordeelt dat appellant terecht geen WIA-uitkering ontvangt omdat hij in staat wordt geacht de geselecteerde functies te verrichten. De eerdere uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant terecht geen WIA-uitkering ontvangt vanwege juiste vaststelling van medische beperkingen.