ECLI:NL:CRVB:2014:1977
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag Wuv wegens onvoldoende causaal verband psychische klachten met overlijden vader
Appellant heeft in 2003 een aanvraag ingediend voor toekenningen op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv), welke is afgewezen omdat niet kon worden vastgesteld dat appellant vervolging had ondergaan en er geen ziekten of gebreken waren die verband hielden met het overlijden van zijn vader.
In 2012 werd opnieuw een verzoek ingediend dat eveneens werd afgewezen omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd. De Raad beoordeelde het verzoek als een medisch herzieningsverzoek en concludeerde dat de huidige psychische klachten van appellant kenmerken van PTSS vertonen en het niveau van ziekte of gebrek bereiken, maar onvoldoende zijn om een redelijk causaal verband met het overlijden van zijn vader aan te nemen.
Er waren geen medische gegevens die dit standpunt weerspraken. Een behandelovereenkomst van het Sinaïcentrum bood geen medisch inzicht in de aard of oorzaak van de klachten. De Raad oordeelde dat het besluit van verweerder om niet tot herziening over te gaan stand hield en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende causaal verband tussen klachten en overlijden vader.