ECLI:NL:CRVB:2014:1211
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op kinderbijslag bij onvoldoende onderhoudsbijdrage en niet tot huishouden behorende kinderen
Appellant heeft kinderbijslag aangevraagd voor vier kinderen, waarvan één kind niet als eigen, aangehuwd of pleegkind kon worden aangemerkt en drie kinderen niet tot zijn huishouden behoren. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) stelde vast dat appellant niet voldeed aan de onderhoudsbijdrage van minimaal € 408 per kind per kwartaal zoals vereist volgens het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag.
Appellant voerde aan dat hij vanwege onvoldoende financiële draagkracht niet aan deze onderhoudsbijdrage kon voldoen en dat het weigeren van kinderbijslag in strijd zou zijn met internationale verdragen zoals het EVRM en het IVRK. De Raad oordeelde dat het vaste bedrag niet in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en dat de AKW een genuanceerde regeling kent voor het bepalen van het recht op kinderbijslag.
De Raad benadrukte dat het recht op kinderbijslag afhankelijk is van daadwerkelijke onderhoudsbijdragen en dat onvoldoende bijdragen een geldige grond vormen voor weigering. Ook werd geoordeeld dat het besluit gebonden is en dat een belangenafweging niet tot een ander oordeel leidt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het recht op kinderbijslag wordt geweigerd wegens onvoldoende onderhoudsbijdrage en niet tot het huishouden behorende kinderen.