ECLI:NL:CRVB:2013:CA1223
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K. Zeilemaker
- J.N.A. Bootsma
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens ongeschiktheid op grond van ziekte; onvoldoende herplaatsingsonderzoek
Appellant was sinds 1994 in dienst bij de gemeente Delft en viel in 2006 uit wegens spanningsklachten. Na een loonsanctie en beoordeling op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen werd hij ontslagen wegens ongeschiktheid op grond van ziekte. Het college had het ontslagbesluit genomen nadat een arbeidsdeskundig rapport had geconcludeerd dat appellant ongeschikt was voor zijn eigen werk en dat er geen passende functies binnen de gemeente beschikbaar waren.
In hoger beroep stelde appellant dat het herplaatsingsonderzoek onvoldoende zorgvuldig was uitgevoerd en dat er wel passende functies beschikbaar waren. De Raad oordeelde dat het college onvoldoende had onderzocht of functies passend konden worden gemaakt, bijvoorbeeld door opleiding of werkplek aanpassing. Bovendien was het college te vroeg gefocust op werk buiten de gemeente en had het onvoldoende reële mogelijkheden binnen de gemeente onderzocht.
De Raad vernietigde het ontslagbesluit en het bestreden besluit, en bepaalde dat het dienstverband herleeft. Tevens moet het college met appellant overleg voeren over een compensatie voor de ondeugdelijke besluitvorming, teneinde tot een beëindiging van het dienstverband te komen. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd vanwege onvoldoende herplaatsingsonderzoek en het college moet met appellant overleg voeren over compensatie.