ECLI:NL:CRVB:2013:CA1053
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- B.J. van de Griend
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in bestuurs- en rechterlijke fase
Betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen een eerdere uitspraak van de rechtbank die zijn beroep tegen een besluit van de minister ongegrond verklaarde. De Raad heeft het onderzoek heropend om te beoordelen of sprake was van een overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro.
De Raad beoordeelde dat de totale duur van de procedure vanaf ontvangst van het bezwaarschrift tot de uitspraak ruim zeven jaar bedroeg, wat een overschrijding van bijna vier jaar inhoudt. De rechterlijke fase duurde ruim twee jaar en vier maanden, wat een overschrijding van tien maanden betekent. De Raad bepaalde dat de Staat hiervoor een schadevergoeding van € 1.000,- verschuldigd is. Voor de minister resteert een overschrijding van drie jaar in de bestuursfase.
De Raad veroordeelde de minister tot een schadevergoeding van € 3.000,- voor de bestuursfase en de Staat tot € 1.000,- voor de rechterlijke fase. Daarnaast werden de proceskosten van betrokkene begroot op € 45,68, te verdelen tussen de minister en de Staat. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 23 mei 2013.
Uitkomst: De Staat en de minister worden veroordeeld tot betaling van respectievelijk € 1.000,- en € 3.000,- schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.