ECLI:NL:CRVB:2013:CA0753
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens voldoende medische grondslag voor arbeidsgeschiktheid
Appellante was werkzaam als oproepkracht bloembindster voor 30 uur per week en ontving een Ziektewetuitkering vanaf 6 september 2010 wegens voet- en rugklachten. Het UWV beëindigde de uitkering per 9 mei 2011, omdat medisch onderzoek aangaf dat zij haar arbeid kon hervatten met het dragen van zooltjes.
Appellante voerde aan dat zij vanwege pijnklachten, vooral aan de linkervoet, niet in staat was haar werk te verrichten, omdat dit staan en lopen vereist. Zij overlegde medische rapporten van orthopeden uit 2012, waaronder een second opinion die hogere zooltjes voorschreef.
De Raad concludeerde dat uit de medische gegevens niet bleek dat appellante op 9 mei 2011 haar werk niet kon doen met de zooltjes. De eerdere uitspraak van de rechtbank Rotterdam werd bevestigd en het hoger beroep werd ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering van appellante wordt beëindigd omdat zij haar arbeid als bloembindster met zooltjes kon verrichten.