ECLI:NL:CRVB:2013:BZ2149

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
22 februari 2013
Publicatiedatum
8 april 2013
Zaaknummer
10-4783 WAO
Type
Uitspraak
Uitkomst
Intrekking
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • J.W. Schuttel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a AwbArt. 8:75 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV en proceskostenveroordeling

De Centrale Raad van Beroep behandelde het hoger beroep van appellant tegen het UWV. Na een tussenuitspraak op 31 augustus 2012 nam het UWV op 5 oktober 2012 een nieuwe beslissing op bezwaar die geheel tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor trok appellant op 16 november 2012 het hoger beroep in en verzocht om een proceskostenveroordeling.

Het UWV maakte geen gebruik van de mogelijkheid tot het indienen van een verweerschrift. De Raad besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten en sloot het onderzoek. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet veroordeelde de Raad het UWV in de proceskosten van appellant.

De proceskosten werden begroot op €944 voor rechtsbijstand in beroep en €1.416 voor rechtsbijstand in hoger beroep, totaal €2.360. Appellant kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het UWV verhalen. De uitspraak werd op 22 februari 2013 in het openbaar gedaan door rechter J.W. Schuttel, met griffier A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen.

Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant van €2.360 na intrekking van het hoger beroep.

Uitspraak

10/4783 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem van 20 juli 2010, 10/1161 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B. ] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 22 februari 2013
PROCESVERLOOP
De Raad heeft op 31 augustus 2012 een tussenuitspraak gedaan, gepubliceerd als LJN BX7764.
Het Uwv heeft op 5 oktober 2012 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen.
Bij brief van 16 november 2012 heeft mr. M.F. van Willigen namens appellant het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht het Uwv te veroordelen in de proceskosten.
Het Uwv heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.
Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.
OVERWEGINGEN
Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 21 van Pro de Beroepswet is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.
Namens appellant is het hoger beroep ingetrokken omdat het Uwv met de nieuwe beslissing op bezwaar van 5 oktober 2012 geheel aan zijn bezwaren is tegemoetgekomen.
De Raad ziet aanleiding om het Uwv te veroordelen in de kosten die appellant in verband met de behandeling van het beroep en het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 944,-- voor verleende rechtsbijstand in beroep en € 1.416,-- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep in totaal € 2.360,--.
Voor vergoeding van het betaalde griffierecht kan appellant zich rechtstreeks tot het Uwv wenden.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep veroordeelt het Uwv in de kosten van appellant tot een bedrag van € 2.360,--.
Deze uitspraak is gedaan door J.W. Schuttel, in tegenwoordigheid van A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 februari 2013.
(getekend) J.W. Schuttel
(getekend) A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen