ECLI:NL:CRVB:2013:BZ2149
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV en proceskostenveroordeling
De Centrale Raad van Beroep behandelde het hoger beroep van appellant tegen het UWV. Na een tussenuitspraak op 31 augustus 2012 nam het UWV op 5 oktober 2012 een nieuwe beslissing op bezwaar die geheel tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor trok appellant op 16 november 2012 het hoger beroep in en verzocht om een proceskostenveroordeling.
Het UWV maakte geen gebruik van de mogelijkheid tot het indienen van een verweerschrift. De Raad besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten en sloot het onderzoek. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet veroordeelde de Raad het UWV in de proceskosten van appellant.
De proceskosten werden begroot op €944 voor rechtsbijstand in beroep en €1.416 voor rechtsbijstand in hoger beroep, totaal €2.360. Appellant kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het UWV verhalen. De uitspraak werd op 22 februari 2013 in het openbaar gedaan door rechter J.W. Schuttel, met griffier A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant van €2.360 na intrekking van het hoger beroep.