ECLI:NL:CRVB:2013:BY9982
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging recht op ziekengeld na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellante was werkzaam als objectleidster in de schoonmaak en meldde zich ziek vanwege pijnklachten in hand- en armgewrichten en beperkingen in linker heup en been. Na meerdere medische onderzoeken, waaronder door een bezwaarverzekeringsarts en een reumatoloog, werd zij per 22 augustus 2011 geschikt bevonden voor haar arbeid en werd het recht op ziekengeld beëindigd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was verricht en dat de beperkingen van appellante niet waren onderschat. Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij haar werk niet meer kon verrichten vanwege artrose en dat haar functie ook schoonmaaktaken omvatte die haar belastbaarheid overschreden.
De Raad oordeelde dat de bezwaarverzekeringsarts voldoende rekening had gehouden met de medische informatie en de aard van het werk, en dat de huisartsinformatie onvoldoende aanleiding gaf tot een ander oordeel. De Raad bevestigde het besluit tot beëindiging van het recht op ziekengeld en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot beëindiging van het recht op ziekengeld wordt bevestigd.