ECLI:NL:CRVB:2013:BY8036
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- M. Hillen
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens niet beëindigen onderneming
Appellant ontving bijstand als zelfstandige voor zijn pizzeria/ijssalon van januari 2008 tot juli 2009, met verlengingen. Na een negatief haalbaarheidsonderzoek wees het college verlenging af en stelde een renteloze lening toe onder de voorwaarde dat appellant zijn bedrijf uiterlijk 1 januari 2010 zou beëindigen.
Appellant heeft deze voorwaarde niet nageleefd en bleef zijn bedrijf voortzetten. Het college vorderde daarom de bijstand over de periode 1 juli 2009 tot 31 december 2009 terug. Appellant voerde onder meer aan dat hij het besluit niet had ontvangen en dat het college hem de gerechtvaardigde verwachting had gegeven zijn bedrijf te mogen voortzetten.
De Raad oordeelt dat het bezwaar terecht mede is gericht tegen het latere besluit, dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt niet op de hoogte te zijn geweest van de verlengingsmogelijkheden, en dat het college geen dringende redenen heeft om van terugvordering af te zien. De terugvordering is daarom terecht en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van bijstand wegens het niet beëindigen van de onderneming.