Uitspraak
17 juni 2011, 11/69 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, werkzaam als mede-eigenaar van een steenzagerij, viel in oktober 2008 uit vanwege klachten aan zijn rechterelleboog. Het UWV kende hem een WGA-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35-45%, later verhoogd naar 45-55% na bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij werd vastgesteld dat de medische beoordeling en de aangepaste Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) zorgvuldig en juist waren.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren over onderschatting van zijn beperkingen en verwees naar aanvullende medische stukken. De Raad overwoog dat de bezwaarverzekeringsarts op juiste wijze de medische gronden had beoordeeld, inclusief een uitgebreid lichamelijk onderzoek en rapportage, en dat de aanvullende stukken geen nieuwe medische informatie bevatten die twijfel rechtvaardigen.
De bezwaararbeidsdeskundige had vastgesteld dat appellant ongeschikt was voor zijn oorspronkelijke functie, maar geschikt voor functies met weinig belasting van de rechterarm. De Raad concludeerde dat de belasting in deze functies de belastbaarheid van appellant niet overschrijdt en wees het hoger beroep af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling of schadevergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot toekenning van een WGA-uitkering met 45-55% arbeidsongeschiktheid blijft in stand.